Pedagogisch beleid

Het pedagogisch beleid geeft richting aan het dagelijkse handelen van de groepsleidster, maar vormt tevens de basis voor de inrichting van de omgeving waarin het kind verkeert. Ouders voeden hun kinderen op; dat is hun verantwoordelijkheid. Een deel van deze taak leggen zij echter neer bij anderen, bijvoorbeeld bij de kinderopvang. Voor de kinderopvang moet daarom duidelijk zijn hoe met deze verantwoordelijkheid om te gaan. Het is dan ook van groot belang dat ouders en groepsleidster met elkaar in gesprek raken en blijven over de wijze waarop ieder kind wordt opgevoed, waar een kind zich goed bij voelt en op welke wijze het kind het beste tot zijn recht komt. Dit pedagogisch plan is dan ook geen onveranderlijk plan. Nieuwe thema’s en gewijzigde inzichten zullen regelmatig leiden tot aanpassing van dit plan.

In de kinderopvang wordt gewerkt met groepen kinderen. In een groep leren kinderen met volwassenen en andere kinderen om te gaan, rekening te houden met elkaar en voor zichzelf op te komen. Binnen een groep is ieder individueel kind uniek en belangrijk. Een belangrijke basis voor vertrouwen tussen ouders en groepsleidster is goede communicatie en samenwerking. De ouder verdient respect als ervaren opvoeder. De groepsleidster verdient respect voor haar, door studie en ervaring, opgebouwde deskundigheid. Over en weer vullen partijen elkaar aan, en leren van elkaar.

Uitgangspunten

In de Wet kinderopvang wordt onder andere aangegeven wat de overheid verstaat onder kwaliteit in de kinderopvang: “verantwoorde kinderopvang is kinderopvang die bijdraagt aan een goede en gezonde ontwikkeling van het kind in een veilige omgeving”. Voor de pedagogische onderbouwing van de Wet kinderopvang en de bijbehorende toelichting, is gekozen voor de vier opvoedingsdoelen van professor J.M.A. Riksen-Walraven. De opvoedingstheorie van Riksen-Walraven ligt ten grondslag aan de Wet kinderopvang en de Beleidsregels kwaliteit kinderopvang. Afgelopen jaren is veel onderzoek gedaan naar de Nederlandse kinderopvang en de voorwaarden waaraan goede kinderopvang moet voldoen . De uitkomsten van deze onderzoeken zijn een weerslag van de meest moderne inzichten op dit gebied en doen tevens recht aan de Nederlandse situatie. Dit is voor Kinderopvang KaKa een belangrijke maatstaf om met deze theorieën te willen werken.

Riksen-Walraven stelt dat het opvoedingsdoel “ervaren van emotionele veiligheid” wat haar betreft basaal is. Een kind dat zich niet veilig voelt in een omgeving, is niet in staat om indrukken en ervaringen op te nemen. Zij formuleert in haar theorie vier opvoedingsdoelen die gelden voor alle kinderen in de leeftijd van 0 tot en met 12 jaar:

• een gevoel van emotionele veiligheid bieden
• gelegenheid tot het ontwikkelen van persoonlijke competenties bieden
• gelegenheid tot het ontwikkelen van sociale competenties bieden
• de kans om zich waarden en normen, de “cultuur” van een samenleving, eigen te maken; socialisatie.